Overzicht
- Nieuwe importtarieven schroeven de handelsoorlog op
- De Chinese economie kan over tien jaar groter zijn dan de Amerikaanse
- Steven Mnunchin onderhandelt over een eelijker speelveld
- Er zijn grote stappen vooruit gezet voor de overdracht van technologie en reciprociteit
- Peter Navarro zweert bij hogere invoerrechten
- De handelsoorlog kan nog lang duren
Het handelsconflict tussen de VS en China dendert voort als een trein. De laatste etappe was goed voor een Amerikaanse invoerheffing van 10% op 200 miljard aan Chinese producten en Chinese tegenheffingen op 60 miljard aan goederen afkomstig uit Amerika. Het is ondertussen méér dan duidelijk dat dit nog niet het eindstation is. Trump windt er geen doekjes om dat de toegevingen van China voor hem nog niet ver genoeg gaan. Hij is vastbesloten om China de duimschroeven aan te draaien met invoertarieven tot de Chinees-Amerikaanse handelsbalans weer in evenwicht is.
Eerlijk speelveld
Maar daar gaat deze oorlog niet om. Trump voelt dat de Amerikaanse hegemonie ten einde loopt en dat China stilaan mee de standaarden begint te bepalen. De tweespalt in zijn administratie legt de vinger op de wonde. Het kamp van minister van Financiën Steven Mnunchin probeert het speelveld eerlijker te maken. Zijn doel is om correcte regels te bekomen voor de overdracht van technologie, de bescherming van intellectuele eigendom, reciprociteit, enzovoort. Niet alleen Amerika maar ook Europa, Japan en Canada hameren hier al jaren op. Als de handelsoorlog al iets positiefs heeft opgeleverd, dan is het dat er op dit vlak recent grote stappen voorwaarts zijn gezet.
Invoerheffingen kunnen China véél pijn doen, maar treffen ook de Amerikaanse bedrijven die produceren in China.
Handelstarieven en invoerrechten
Aan de andere kant is er het kamp van de handelsadviseur Peter Navarro en Trump, die diametraal staat tegenover de doelstelling van Mnuchin. Volgens Navarro is het handelstekort met China onaanvaardbaar. Hij is tegen de globalisatie en wil dat Amerikaanse bedrijven opnieuw in eigen land produceren. Het antwoord van het kamp Navarro is er één van invoerheffingen en handelstarieven. Die kunnen China véél pijn doen, maar met iedere heffing schiet Amerika ook zichzelf in de voet. Invoerheffingen treffen ook Amerikaanse bedrijven die produceren in China. Uitzonderingsclausules voor de telecomsector houden Apple & co voorlopig buiten schot, maar bottomline is collatoral damage niet te vermijden. De verwevenheid is te groot.
China wordt de grootste
Hoe dit zal aflopen, zal de toekomst uitwijzen. Maar een ontwaakte reus wieg je niet meer in slaap. Zonder tegenslagen kan de Chinese economie over een tiental jaar groter zijn dan de Amerikaanse. Nu al zet het land mee de standaarden voor belangrijke technologieën: van elektrische voertuigen en groene energie tot robotica en artificiële intelligentie. Voor de uitrol van 5G, de basis voor het Internet of Things, komt er zelfs al geen enkel Amerikaans bedrijf meer aan te pas. Dat verontrust Trump enorm. Vanuit een beschermingsreflex opent hij het vuur op China met een salvo van importheffingen. Maar het ‘gele gevaar’ is niet tegen te houden. Zolang Trump dat blijft ontkennen, is het einde van de handelsoorlog nog niet in zicht.
Nu al zet China mee de standaarden voor belangrijke technologieën, gaande van elektrische voertuigen en groene energie tot robotica en artificiële intelligentie.