Nadat de aandelen en obligaties in de eerste week van juli corrigeerden door de stijgende obligatierentes ingevolge de havikachtige toon van centrale bankiers, zagen we vorige week de omgekeerde beweging. De overtuigende verdere daling van de Amerikaanse inflatie bekoelde de vrees voor nog verdere renteverhogingen door de Fed. Bijgevolg vielen de obligatierentes behoorlijk terug (Amerikaanse tien jaarsrente van 4,06 naar 3,8% en Duitse van 2,63 naar 2,51%), herstelden de beurzen (S&P500 +2,4% en Stoxx Europe 600: +2,9%) en steeg de euro tegenover de dollar van 1,10 naar 1,12, het hoogste punt sinds februari 2022.
De Amerikaanse inflatie is in juni verder teruggevallen van 4% naar 3%, iets beter dan verwacht en het laagste sinds maart 2021. Komende van een piek van 9,2% net een jaar geleden, gaat er de jongste maanden telkens zo’n procent van af en zijn we momenteel niet meer zo ver verwijderd van de 2%-doestelling van de Fed. En nog een positieve verrassing: deze keer vertoont ook de kerninflatie een overtuigende daling: van 5,3% naar 4,8%. De markten hopen dan ook dat, na waarschijnlijk nog een renteverhoging van 0.25% op 26 juli, de opwaartse rentecyclus van de Fed erop zit.
De keerzijde van een succesvolle inflatiebestrijding is het risico op een recessie. De voorbije maanden zijn heel wat economische indicatoren zoals ISM / PMI afgebrokkeld, waarbij de indicatoren voor de industrie al op recessie wezen. Maar intussen lijkt het toch een beetje uit te bodemen. Zo zou de voorraadafbouw in de industrie (als anticipatie op lagere vraag en prijzen) na 9 maanden stilaan ten einde lopen. En het Amerikaanse consumentenvertrouwen en - bestedingen zijn in juni zelfs verrassend gestegen. Deze worden ondersteund door de afnemende inflatie en de nog steeds behoorlijke arbeidsmarkt (ondanks iets matigere jobcreatie vorige maand). Dus de kansen lijken toe te nemen dat een harde recessie vermeden kan worden en dat het een zachte landing wordt.
Het nieuwe winstpublicatieseizoen over het tweede kwartaal is pas begonnen met de kwartaalrapporten van 3 Amerikaanse grootbanken. En deze bleken andermaal relatief goed mee te vallen. En deze week gaat het in hogere versnelling met resultaten van andere Amerikaanse banken evenals enkele Tech-giganten, ook in Europa.
De afgelopen weken hebben analisten (soms na voorzichtige feedback van bedrijven) hun winstverwachtingen voor het tweede kwartaal naar beneden bijgesteld, zodat nu voor de S&P500 een gemiddelde winstdaling van -7,2% verwacht wordt. Maar door de lat lager te leggen wordt het ook gemakkelijker om erover te springen. Dit was ook de voorbije kwartalen het geval. Voor het eerste kwartaal was bij aanvang vorig resultatenseizoen bijna 10% winstdaling verwacht en uiteindelijk werd het maar -2,2%.
Analisten verwachten trouwens dat vanaf het derde kwartaal de gemiddelde resultaten opnieuw licht gaan klimmen. Enkele ondersteunende elementen zijn alvast: de gezondheid van de consument mede dankzij het tijdens corona opgepotte spaargeld, de nieuwe groeidomeinen zoals AI, en marge-ondersteuning door toenemende productiviteit en dalende inputprijzen (energie, grondstoffen) die niet meteen gevolgd wordt door de verkoopprijzen dankzij een sterke prijszettingsmacht. Het wordt weer boeiende lectuur, die kwartaalrapporten.
Kerncijfers van 10/7/2023 tot 14/7/2023 |
|||
Index | Slotkoers | +/- | Sinds begin 2023 |
België: Bel-20 | 3563,35 | 1,73% | -3,72% |
Europa: Stoxx Europe 600 | 460,83 | 2,95% | 8,46% |
VS: S&P500 | 4505,42 | 2,42% | 17,34% |
Japan: Nikkei | 32391,26 | 0,01% | 24,13% |
China: Shangai Composite | 3237,70 | 1,29% | 4,81% |
Hongkong: Hang Seng | 19413,78 | 5,71% | -1,86% |
Euro/dollar | 1,12 | 2,68% | 5,34% |
Brent olie | 81,38 | 3,58% | -4,17% |
Goud | 1959,25 | 1,54% | 7,91% |
Belgische 10 jaarsrente | 3,15 | ||
Duitse 10 jaarsrente | 2,48 | ||
Amerikaanse 10 jaarsrente | 3,82 |
U vond dit artikel de moeite?