Overzicht
- Iedere situatie is uniek
- Berenmarkten: een normaal beursfenomeen
- Op korte termijn: volatiliteit troef
- Op middellange termijn vooral kansen
- Conclusie: beleggen of belegd blijven is de boodschap
Iedere situatie is uniek
Vanzelfsprekend heeft iedere marktcorrectie zijn eigen kenmerken. We moeten dus voorzichtig zijn met gegevens uit het verleden te extrapoleren naar de toekomst. Toch is het relevant om eens naar het verleden te kijken. Hoe uitzonderlijk is zo’n berenmarkt? En vooral: hoe zijn de beurzen verder geëvolueerd eens ze in dit type van situatie zaten?
Een langetermijnstudie van de DAX-index
Als voorwerp van onze studie namen we een Europese index met een stevige historiek: de DAX 30, die de beursevolutie van de 30 grootste Duitse beursgenoteerde bedrijven weergeeft. We beschikken hier over cijfers die teruggaan tot 1960. De DAX is wat men noemt een Total Return index. Dit betekent dat om de evolutie te berekenen men ervan uitgaat dat het volledige dividend herbelegd wordt. In tegenstelling tot de belegger kampt de DAX niet met kosten of taksen. Deze zijn dus ook niet in de berekeningen opgenomen. De DAX is geheel gebaseerd op de koersevolutie van de desbetreffende aandelen en de brutodividenden die ze uitbetalen.
Berenmarkten: een normaal beursfenomeen
De DAX kende in de periode van 1960 tot nu maar liefst 24 periodes waarin de koers 20% kelderde. Sommigen van deze periodes volgden elkaar snel op, zoals bij de financiële crisis van 2008. Met een DAX die zich ruim 30% onder zijn top van 17 februari bevindt, loont het de moeite om eens te kijken hoe de index zich in het verleden bij vergelijkbare situaties gedroeg.
Op korte termijn: volatiliteit troef
Een koersval met 20% van een beursindex zegt vooral één ding: beleggers zijn het noorden kwijt. En het duurt even voor ze dat terugvinden. Het gevolg zijn wilde koersschommelingen. Gemiddeld ging de DAX in de 12 maanden volgend op een 20% koersval zo’n 3,5% hoger. Maar achter dat gemiddelde lagen zowel prachtige stijgingen als scherpe dalingen.
Overzicht begin berenmarkten (2005-nu)
|
Iedere verticale lijnt toont op een logaritmische schaal het moment aan waarop de DAX 20% omlaag dook. Interessant om zien, is hoe de index na die val evolueerde. Wat daarbij opvalt is de veerkracht. Soms kwam die er snel, in andere gevallen was het even wachten.
|
Op middellange termijn vooral kansen
Bekijken we de situatie op drie, vijf of tien jaar , te rekenen vanaf het begin van de berenmarkt (m.a.w. na de koersval van 20%), dan ziet het plaatje er toch wel fundamenteel verschillend uit. In alle bestudeerde gevallen bereikte de DAX niveaus die boven het begin van de berenmarkt lagen. Gemiddeld ging hij 37% hoger binnen de drie jaar, 59% binnen de 5 jaar en 133% binnen de 10 jaar. Nu eens was die stijging bescheiden, dan weer indrukwekkend. Maar telkens was ze er. En in het overgrote deel van de gevallen bracht ze de DAX naar hoogtes die de koersniveaus van voor de correctie fors overtroffen. Daarbij geldt: hoe langer je belegd blijft, hoe groter de kans op goede resultaten. Dit sluit aan bij het alfa en omega van aandelenbeleggingen. Die doe je steeds met een voldoende lange beleggingshorizon.
Conclusie: beleggen of belegd blijven is de boodschap
Op korte termijn luidt een berenmarkt een periode van wilde koersschommelingen in. Deze koersschommelingen mogen de belegger niet afschrikken. Want wie belegd blijft of van een berenmarkt gebruik maakt om in te stappen, heeft met een horizon van 3 tot 10 jaar een mooie kans om degelijke winsten te behalen. Daarbij geldt: hoe langer de beleggingshorizon, hoe groter de kans op een sterk resultaat.