Europese banken staan voor
Na een uitzonderlijk beursjaar 2025 zetten de Europese banken in 2026 hun dynamiek voort, met een prestatie van +20% sinds het begin van het jaar (dividenden inbegrepen). Ze lossen zo onze initiële verwachtingen in van een stijgingspotentieel van 15 tot 20%. In termen van sectorprestatie in Europa nemen ze de derde plaats in, na energie en technologie. Hoewel de verleiding groot was om winst te nemen na de forse stijging van 2025, is onze aanbeveling om de blootstelling te behouden een goede zaak gebleken.
We hadden ook voorspeld dat het stijgingspotentieel van de Amerikaanse banken ‘minder was dan bij hun Europese tegenhangers’ omdat ze duurder gewaardeerd en minder rendabel waren. Bovendien heeft de Amerikaanse financiële sector sterke tegenwinden gekend door twijfels over de ‘private credit’-activiteit (een minicrisis die nu onder controle lijkt) en door beleggers die eruit stapten en voor AI-sectoren kozen. Niettemin laten Amerikaanse banken dit jaar solide winsten optekenen: +8,86% bij de sluiting van 14 juli.
En net zoals in elke grote competitie zijn er enkele uitblinkers: de grote investeringsbanken Goldman Sachs en Morgan Stanley noteren in 2026 winsten van 30%.
Amerikaanse banken lanceren een spectaculaire tegenaanval
Wat banken aan weerszijden van de Atlantische Oceaan gemeen hebben, is dat ze kwartaal na kwartaal beter dan verwachte resultaten kunnen aankondigen. Dat is uiteraard een essentiële steunfactor voor hun vooruitgang op de beurs. Het tweedekwartaalseizoen is zo goed van start gegaan: de Amerikaanse grootbanken hebben op 14 juli voor vuurwerk gezorgd: JP Morgan, Bank of America, Citigroup en Goldman Sachs hebben de verwachtingen ruim overschreden.
In deze resultaten zitten weliswaar uitzonderlijke elementen, zoals een volatiele groeiaandelenmarkt, enorme kapitaalophalingen (met name 85 miljard vers kapitaal voor Alphabet, de grootste kapitaalverhoging ooit) en de gigantische beursgang van SpaceX. Maar alle banksegmenten stellen het goed, ook krediet, ondersteund door een stabiele consumptie en de financiering van de ontwikkeling van AI-infrastructuur.
Een overvloed aan opportuniteiten aan weerszijden van de Atlantische Oceaan
Behalve een obligatierendementscurve en ondersteunende financiële markten lijkt de macro-economische context gunstig. De Verenigde Staten blijven in een ideaal scenario van sterke groei en een inflatie die vrij onder controle is ondanks de spanningen in het Midden-Oosten.
In Europa krijgen de investeringsplannen voor infrastructuur en defensie vaste vorm. De overheden willen het Europese spaargeld beter inzetten voor de grote projecten van het continent: energietransitie, digitale transitie en industriële soevereiniteit. Ze zijn nu ook meer te vinden voor het ontstaan van ‘Europese kampioenen’ en aanvaarden dan ook beter fusies en overnames binnen de sector.
Tot slot denken we dat artificiële intelligentie in het algemeen voor enorme productiviteitswinsten in de sector kan zorgen, een factor die volgens ons door de markt sterk wordt onderschat.
Wat zijn de risico’s?
Een sterke economische vertraging en een hollende inflatie blijven de voornaamste gevaren. Dit was trouwens duidelijk toen de crisis in het Midden-Oosten is losgebarsten, met stijgende energieprijzen tot gevolg. De markt vreesde daarom voor sterke prijsstijgingen en een dalende groei. Begin juni konden de Verenigde Staten de gemoederen bedaren vooraleer de laatste dagen weer in de aanval te gaan. Niemand weet hoe en wanneer deze crisis zal eindigen maar zolang de prijs van een vat ruwe olie (Brent) onder de 100 USD (vandaag 85 USD) blijft, panikeren de markten niet al te veel.
Conclusie: Europese banken in polepositie
In de koersen van de Amerikaanse banken zit heel wat positief nieuws ingecalculeerd. Ze worden beter gewaardeerd: de verwachte koers-winstverhouding van de Amerikaanse banken – vóór publicatie van de laatste resultaten en vooruitzichten – was 12,4x, tegenover gemiddeld 10,4x voor hun Europese tegenhangers.
In het tweede kwartaal zou de winstgroei van de (grote) Amerikaanse banken hoger moeten zijn dan de Europese maar hij bevat heel wat uitzonderlijke elementen. Ondanks de uitstekende resultaten was de beursstijging voor de sector op 14 en 15 juli dan ook vrij bescheiden. Een of andere Amerikaanse bank heeft van de markt zelfs een gele kaart gekregen: iets lagere koers na publicatie, want ongerustheid over de toenemende technologische en herstructureringskosten en een ietwat teleurstellende groei.
Voor het vervolg van deze trans-Atlantische confrontatie ramen we het stijgingspotentieel van de Europese banksector tegen eind 2026 op 10 à 15%, rekening houdend met de solide fundamentals, continu betere rentabiliteit en mooie herwonnen winstgroei. De koersstijging voor de Amerikaanse banken zou minder moeten zijn en zal meer afhangen van het feit of ze de verwachtingen van hun supporters op een of andere manier kunnen overtreffen.
Kerncijfers van 15/7/2026
|
| Index |
Slotkoers |
+/- |
Sinds begin 2026 |
| België: Bel-20 |
5613,51 |
-0,08% |
10,54% |
| Europa: Stoxx Europe 600 |
642,71 |
0,10% |
8,53% |
| VS: S&P 500 |
7572,40 |
0,38% |
10,62% |
| Japan: Nikkei |
68751,51 |
1,49% |
36,58% |
| China: Shangai Composite |
3955,58 |
-0,29% |
-0,33% |
| Hongkong: Hang Seng |
24681,10 |
1,40% |
-3,70% |
| Euro/dollar |
1,14 |
-0,07% |
-2,62% |
| Brent olie |
85,04 |
0,35% |
38,61% |
| Goud |
4027,35 |
0,29% |
-6,51% |
| Belgische 10 jaarsrente |
3,65 |
|
|
| Duitse 10 jaarsrente |
3,14 |
|
|
| Amerikaanse 10 jaarsrente |
4,55 |
|
|